De Was

In twintig maanden tijd heb ik drie kinderen gekregen. Ja, denk daar maar eens over na. Maar wees gerust, er komt hier niet een heel epistel over hoe zwaar het moederschap soms is. Daar wordt gelukkig al genoeg over geschreven en gerelativeerd. Maar waar ik gek genoeg echt nooit iemand over hoor, is De Was.

wassen-fabmama_1100_657_84_c1
Ik ben vrij kalm en koelbloedig als het gaat om belangrijke deadlines of een To-Do-lijst van twee kantjes. Al zeg ik het zelf. Maar zet mij in m’n eigen washok na een weekje vakantie in eigen land en ik ga er gerust tien minuten verslagen tussen zitten. Bedenkend of ik wel of niet heel hard zal gaan huilen. Heb ik potjandorie nog geen tien dagen geleden de kinderen naar m’n moeder gebracht, zodat ik rustig schone was opgevouwen en wel in de vakantietassen kon stoppen, kan ik weer helemaal opnieuw beginnen. En erger!

De was is helaas geen ‘fase’
De zanderige handdoeken na twee uurtjes strand. Een ‘ongelukje’ in een onderbroek (die weliswaar uitgespoeld en wel in de badkuip ligt, maar nog ligt te wachten op het vervolgtraject). De vieze verkleedkleren die niet tegen wasmachines kunnen. Mijn eigen kleding waarvan sommige stukken al maanden wachten op een strijkbout (en waarvan mijn kinderen weer niet weten wat dat ding überhaupt is, zoals ze onlangs aan oma vroegen). De vele, vele was. Ook beseffende dat dit nu eens geen ‘fase’ is.

Meer dan wasjes draaien alleen
Helaas ben ik autistisch genoeg aangelegd om mijn geliefde niet aan de was te laten (want bij gekleurde was moet een scheutje azijn – zeker als er geel tussen zit – en kledingstukken moeten altijd aan twee dezelfde kleuren knijpers opgehangen worden etc.), dus het is ook wel een beetje mijn eigen schuld. En bovendien is het niet eens zozeer dat in de wasmachine of droger stoppen. Het is meer alles er om heen. Het opvouwen, het in de juiste kasten doen. En altijd die zes of meer enkele sokken, die uit de was komen.

En het is breder. Het is kleding in het algemeen. De maat 98-104 die net wel of net niet te klein is en waarvan zeker een deel plaats moet maken, wil maat 110-116 er nog bij passen. De nu echt te kleine kleding die nog een bestemming moet krijgen. De nog veel te grote kleding die je van de lieve buurvrouw hebt gekregen, maar even niet weet waar je het moet laten zonder te vergeten dat ze daar over twee jaar wel aan toe zijn.

Vier soorten wasmanden
Ik heb al geprobeerd er een systeem in aan te brengen. Vorig jaar kocht ik een derde wasmand, een gele. Een witte en een zwarte had ik al. Ik voelde me ontzettend georganiseerd en oprecht gelukkig. Maar in de praktijk is het zo dat de inhoud van de ‘opvouwmand’ (mand nummer vier, feitelijk) vaak nog vol beneden staat te wachten, terwijl er al een of twee nieuwe op te vouwen wassen zich aandienen. En dus moet er een witte, gele of zwarte mand aan te pas komen, om de schone was naar de opvouwtafel (de keukentafel) te brengen. Waardoor het systeem in de war wordt geschopt, want waar gaat de witte was in als de witte wasmand nog beneden staat met op te vouwen was? Juist, in de gele of de zwarte. Daar krijg je het gedonder al.

Ik heb zojuist eindelijk op menig aanraden het boek ‘Opgeruimd!’ van Marie Kondo besteld. Benieuwd of zij mij kan helpen met De Was. Voor tips en adviezen van eigen bodem hou ik mij van harte aanbevolen. Ben benieuwd naar jullie reacties!

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

De volgende HTML-tags en -attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>